Amaranthus retroflexus, in het Nederlands bekend als papegaaienkruid (of soms teruggebogen amarant), is een robuuste, eenjarige plant uit de amarantenfamilie (Amaranthaceae). De plant is oorspronkelijk afkomstig uit Noord-Amerika, maar heeft zich als kosmopoliet wereldwijd verspreid. In Nederland en België komt de soort sinds de 19e eeuw algemeen voor, met name op open, zonnige en omgewerkte, voedselrijke gronden.
De plant kan 20 tot 150 cm hoog worden. Hij heeft een dikke, rechtopstaande stengel die diep gegroefd is en dicht zilverwit behaard. De stengel verkleurt aan de basis vaak roodachtig. De eivormige tot ruitvormige bladeren zijn dof groen, hebben een golvende rand en een behaarde bladsteel. Van juli tot oktober bloeit de plant met onopvallende, witachtig-groene bloemen. Deze staan compact bij elkaar in een dikke, stekelige eindelingse pluim. Een enkele plant produceert duizenden kleine, glanzend zwarte tot donkerbruine zaden die tot wel 5 jaar kiemkrachtig blijven in de bodem.
In de landbouw en in tuinen staat papegaaienkruid hoofdzakelijk bekend als een hardnekkig onkruid. Door zijn snelle groei en enorme zaadproductie kan hij snel braakliggende terreinen en akkers (zoals maïs- en bietivelden) koloniseren. Bovendien heeft de plant wereldwijd in diverse gebieden resistentie ontwikkeld tegen bepaalde herbiciden.
Het effectief bestrijden van papegaaienkruid (Amaranthus retroflexus) vereist een gerichte en tijdige aanpak. Omdat het een eenjarig zaadonkruid is dat tot wel duizenden zaden per plant produceert, draait de hele strategie om één gouden regel: voorkom dat de plant in bloei staat en zaad vormt. Als de zaden eenmaal in de bodem terechtkomen, kunnen ze jarenlang blijven kiemen.
Bij een kleinschalige invasie in borders of de moestuin is handmatig uittrekken de meest effectieve methode. Trek de planten eruit zodra je ze herkent en ze nog klein zijn. Jonge planten hebben nog geen diep wortelstelsel en laten gemakkelijk los. Droge grond houdt de wortels stevig vast. Wied bij voorkeur na een flinke regenbui of sproei de grond vooraf. Zorg dat je de centrale penwortel volledig meetrekt, zodat de plant niet opnieuw uitloopt.
Schoffel regelmatig bij droog en zonnig weer. De losgeschoffelde zaailingen verdrogen dan snel in de zon. Staan de planten al wat hoger en heb je geen tijd om ze te wieden? Maai of top de planten op circa 15 cm hoogte voordat de bloeipluimen verschijnen. Hoewel de stengel daarna opnieuw kan uitlopen, voorkom je hiermee in elk geval de directe zaadverspreiding.
Papegaaienkruid is een typische pioniersplant; de zaden hebben licht en open warmte nodig om te ontkiemen. Je kunt dit biologisch tegengaan door de bodem simpelweg te bedekken. Gebruik een dikke laag mulch, boomschors of houtsnippers (minimaal 5 tot 8 cm) in je borders. Gooi bloeiende of vruchtdragende planten nooit op de composthoop. De meeste thuiscomposthuizen worden niet heet genoeg om de hardnekkige amarantzaden te vernietigen, waardoor je het onkruid later zelf weer over de tuin uitrijdt. Gooi ze bij het restafval. Gebruik liever geen azijn, zout of bleekwater. Dit is schadelijk voor het bodemleven en verandert de zuurtegraad en het zoutgehalte van je grond permanent.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten