woensdag 1 april 2026

Crocus


Crocus of krokus, net hoe je het zeggen wil, maar de wetenschappelijke naam is voor iedere tuinder waar ook ter wereld hetzelfde, dus daar houden we het maar op.  Deze overbekende plant wordt vaak tot het bolgewas gerekend, maar in werkelijkheid vormen de planten knollen. Vooral de doorgekweekte voorjaarsbloeiers zijn bekend. Met hun felle kleuren en grote bloemen vallen ze sterk op. 

Veel natuurlijke soorten kunnen goed verwilderen, als ze maar niet te veel in de schaduw worden gezet. Zodra het blad verschijnt, kan een lichte bemesting met mest de planten een oppepper geven. Vloeibare meststof is hier het beste geschikt voor.  Vaak wordt in mei aan bemesten gedacht en dan hebben de vroege bloeiers er niet veel meer aan. 

Staan de krokussen in het gazon, dan pas maaien wanneer het loof geheel afgestorven is. In de praktijk komt daar weinig van terecht en dus kunnen in het gazon beter elk jaar nieuwe knolletjes worden geplant. Plant de crocus in oktober, 5 cm diep. De herfstkrokus kan nog in augustus geplant worden; zij maken pas wortel na de bloei. Men noemt dat ook wel droogbloeiers.  De beste grond voor crocussen is losse en humusrijke, goed gedraineerde grond. Op zware natte gronden leven ze niet lang. 

Het komt vaak voor dat sterke soorten zichzelf uitzaaien. Zaaien met de hand kan ook, meteen na rijping van het zaad. Maar het duurt jaren voordat zaailingen bloeien. Daarom is het delen van de knollen een snellere manier om meer planten te verkrijgen. 




 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Schefflera arboricola

De Schefflera arboricola in het Nederlands ook wel bekend als de Vingerplant, is een uiterst populaire, sterke en decoratieve kamerplant. De...